In elk team heb je ze: de collega’s die hun vakantiedagen oppotten tot december, en zij die er tegen het einde van het jaar nog amper overhouden. Ruim 4 op de 10 bedienden (43,5%) behoren tot de ‘spaarders’ terwijl zo’n achtste (12,4%) zicht tot de ‘niet-spaarders’ rekenen. Opvallend is dat vrouwen vaker vakantiedagen tekortkomen (15% tegenover 10% bij mannen), terwijl mannen er tegen het jaareinde vaker over hebben (47% tegenover 41% bij vrouwen).
Dat verbaast Lode Godderis, professor arbeidsgeneeskunde aan de KU Leuven, niet: “Vrouwen dragen in de meeste gevallen meer dan hun aandeel van de zorg- en huishoudelijke taken, zoals de opvang van hun kinderen als ze ziek zijn. Daardoor zetten ze hun verlof vaker in voor gezinsverplichtingen, met als gevolg dat er op het einde van het jaar minder vakantiedagen overblijven."
Ook leeftijd speelt een rol; hoe ouder de werknemers, hoe groter de kans dat ze nog wettelijke vakantiedagen over hebben op het einde van het jaar. Dit is het geval bij 47,6% van de 55-plussers, tegenover 44,6% van de 35- tot 54-jarigen en 40,8% van de -34-jarigen. Gemiddeld gaat het om vijf dagen.