In Nederland gelden voor nachtdiensten aanvullende regels vanuit de Arbeidstijdenwet. Van een nachtdienst is sprake als je tijdens een dienst meer dan één uur werkt tussen 00.00 en 06.00 uur.
In principe mag een nachtdienst maximaal 10 uur duren. Incidenteel mag een nachtdienst maximaal 12 uur duren. Dat mag maximaal vijf keer per twee weken en 22 keer per jaar.
Dat is belangrijk tijdens de overgang naar de wintertijd. Een dienst die volgens het normale rooster binnen de maximale arbeidsduur valt, kan door het extra uur langer worden.
Werkgevers doen er daarom goed aan om vooraf te controleren of geplande nachtdiensten ook na de tijdswisseling binnen de wettelijke grenzen en de geldende cao- of bedrijfsafspraken vallen.
Vergeet ook de rusttijd niet
Na een nachtdienst die na 02.00 uur eindigt, geldt in Nederland in principe een minimale rusttijd van 14 uur. Onder voorwaarden mag deze rust eenmaal per week worden ingekort tot 8 uur. Na een reeks van drie of meer nachtdiensten geldt minimaal 46 uur rust.
En hoe zit het met het extra gewerkte uur?
Wie tijdens de overgang naar wintertijd doorwerkt, werkt daadwerkelijk een extra uur. Hoe dit extra uur vervolgens wordt verwerkt in de beloning of het arbeidsuren-/tijdsaldo, hangt af van de afspraken die van toepassing zijn, bijvoorbeeld in de arbeidsovereenkomst, cao of bedrijfsregeling.