In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok om 03.00 uur één uur terug naar 02.00 uur. Voor de meeste mensen betekent dat een uur langer slapen. Maar wat als je die nacht aan het werk bent? Dan kan je nachtdienst juist een uur langer duren.
Voor werkgevers én werknemers is het daarom belangrijk om te weten wat dit betekent voor de gewerkte uren, de regels rondom nachtdiensten en natuurlijk de tijdregistratie.

Wat gebeurt er precies tijdens de overgang naar wintertijd?

Op zondag 25 oktober 2026 wordt de klok om 03.00 uur teruggezet naar 02.00 uur. Daardoor komt het uur tussen 02.00 en 03.00 uur die nacht twee keer voor. 

Werk je bijvoorbeeld een nachtdienst van 22.00 tot 06.00 uur? Dan ben je door de tijdswisseling feitelijk een uur langer aan het werk dan tijdens een normale nacht.

Dat lijkt misschien een detail, maar kan gevolgen hebben voor je werktijd, de afspraken over de vergoeding van uren en de registratie ervan.

Hoe lang mag een nachtdienst duren?

In Nederland gelden voor nachtdiensten aanvullende regels vanuit de Arbeidstijdenwet. Van een nachtdienst is sprake als je tijdens een dienst meer dan één uur werkt tussen 00.00 en 06.00 uur. 

In principe mag een nachtdienst maximaal 10 uur duren. Incidenteel mag een nachtdienst maximaal 12 uur duren. Dat mag maximaal vijf keer per twee weken en 22 keer per jaar. 

Dat is belangrijk tijdens de overgang naar de wintertijd. Een dienst die volgens het normale rooster binnen de maximale arbeidsduur valt, kan door het extra uur langer worden.

Werkgevers doen er daarom goed aan om vooraf te controleren of geplande nachtdiensten ook na de tijdswisseling binnen de wettelijke grenzen en de geldende cao- of bedrijfsafspraken vallen.

Vergeet ook de rusttijd niet
Na een nachtdienst die na 02.00 uur eindigt, geldt in Nederland in principe een minimale rusttijd van 14 uur. Onder voorwaarden mag deze rust eenmaal per week worden ingekort tot 8 uur. Na een reeks van drie of meer nachtdiensten geldt minimaal 46 uur rust. 

En hoe zit het met het extra gewerkte uur?
Wie tijdens de overgang naar wintertijd doorwerkt, werkt daadwerkelijk een extra uur. Hoe dit extra uur vervolgens wordt verwerkt in de beloning of het arbeidsuren-/tijdsaldo, hangt af van de afspraken die van toepassing zijn, bijvoorbeeld in de arbeidsovereenkomst, cao of bedrijfsregeling.
 

Tijdregistratie verdient extra aandacht

Ook technisch vraagt de overgang naar de wintertijd aandacht. Tussen 02.00 en 03.00 uur komt dezelfde lokale tijd immers twee keer voor. 

Voor organisaties met nachtdiensten is het daarom verstandig om vóór 25 oktober te controleren:

  • of het tijdregistratiesysteem de overgang naar wintertijd correct verwerkt;
  • of het extra gewerkte uur daadwerkelijk wordt geregistreerd;
  • hoe het extra uur volgens cao, arbeidsovereenkomst of bedrijfsregeling moet worden verwerkt;
  • of langere nachtdiensten binnen de grenzen van de Nederlandse Arbeidstijdenwet blijven.

Wat gebeurt er bij de overgang naar zomertijd?

In het voorjaar gebeurt precies het tegenovergestelde: de klok wordt een uur vooruitgezet. Daardoor duurt een nachtdienst tijdens de tijdswisseling feitelijk een uur korter. De eerstvolgende overgang naar zomertijd is op 28 maart 2027. 

Ook dan is het belangrijk dat roosters, urenregistratie en eventuele afspraken over werktijd correct worden verwerkt.

Zorg dat je tijdregistratie klopt

De overgang van zomer- naar wintertijd lijkt misschien maar een klein verschil op de klok. Voor organisaties met nacht- en ploegendiensten kan dat ene uur echter gevolgen hebben voor werktijden, roosters en de registratie van gewerkte uren.

Controleer daarom vooraf hoe de nachtdienst van 24 op 25 oktober 2026 wordt verwerkt. Zo voorkom je verrassingen achteraf.

FAQ

Geen FAQ-items gevonden